Dyslexie, dysorthografie, dyscalculie, dyspraxie, ADHD: deze woorden maken ouders vaak ongerust. Toch kan een leerstoornis herkend, vastgesteld en begeleid worden. Hier leest u het belangrijkste om te begrijpen waarover het gaat en om uw kind te helpen zijn zelfvertrouwen te bewaren.
Wat is een leerstoornis?
Een leerstoornis is een hardnekkige moeilijkheid om een bepaalde vaardigheid te verwerven: lezen, schrijven, rekenen of bewegingen coördineren. Ze komt voor bij kinderen met een normale intelligentie, die gewoon naar school zijn gegaan en bij wie geen probleem met zicht of gehoor de moeilijkheden verklaart.
Men spreekt ook van ‘dys’-stoornissen of specifieke leerstoornissen. Het woord ‘specifiek’ is belangrijk: de stoornis treft één domein, niet alle capaciteiten van het kind. Een leerling met dyslexie kan dus heel sterk zijn in wiskunde of mondeling.
Deze stoornissen verdwijnen niet met de tijd. Met een aangepaste behandeling en een begripvolle omgeving leert het kind ze wel te compenseren en kan het een geslaagde schoolloopbaan uitbouwen.
Waar komen leerstoornissen vandaan?
Leerstoornissen hebben een neurologische ontwikkelingsoorsprong: ze hangen samen met de manier waarop de hersenen bepaalde informatie verwerken. Vaak komen ze ook bij andere familieleden voor, wat wijst op een erfelijke component.
Ze zijn dus geen gevolg van te weinig werken, een gebrek aan intelligentie of een slechte opvoeding. Dat duidelijk tegen uw kind zeggen, neemt vaak een grote last van zijn schouders.
Welke leerstoornissen zijn er?
Hieronder vindt u een overzicht van de meest voorkomende stoornissen. Elk ervan verdient een eigen artikel; hier willen we u vooral helpen om de weg te vinden.
- Dyslexie: een leesstoornis. Het kind leest traag, verwart of verwisselt klanken en raakt snel vermoeid. Ook het begrijpend lezen lijdt er vaak onder.
- Dysorthografie: een spellingstoornis, die vaak samengaat met dyslexie. De fouten blijven ondanks veel oefenen.
- Dyscalculie: een rekenstoornis, ook in het getalbegrip. Het kind heeft moeite om hoeveelheden te schatten, de tafels te onthouden of een bewerking uit te voeren.
- Dyspraxie: een stoornis in de coördinatie van bewegingen (ook DCD genoemd). Schrijven, knippen, een lat of passer gebruiken vraagt veel inspanning. Ze gaat vaak samen met dysgrafie: een traag en moeilijk leesbaar handschrift.
- ADHD (aandachtstekortstoornis met of zonder hyperactiviteit): strikt genomen geen leerstoornis, maar wel een grote invloed op de schoolloopbaan. Het kind heeft moeite om geconcentreerd te blijven, zich te organiseren en soms om stil te zitten.
Deze stoornissen komen vaak samen voor: een kind kan zowel dyslexie als dysorthografie hebben, of ADHD naast een ‘dys’-stoornis. Nog een reden om een volledig onderzoek te laten doen.
Tijdelijke leerproblemen of een leerstoornis: de signalen om op te letten
Elk kind leert op zijn eigen tempo, en een leerling met leerproblemen heeft niet noodzakelijk een leerstoornis. Minder motivatie, een andere school of opgestapelde achterstand kunnen slechte resultaten ook verklaren.
Blijf alert, zonder overhaaste conclusies te trekken, als u merkt dat uw kind:
- al lang op dezelfde moeilijkheid botst, ondanks hulp en echte inspanningen;
- het mondeling goed doet, maar vastloopt zodra het moet lezen of schrijven;
- veel meer tijd nodig heeft voor zijn huiswerk dan anderen en er uitgeput uit komt;
- een groot verschil toont tussen zijn capaciteiten op één gebied en zijn resultaten op een ander;
- zijn zelfvertrouwen verliest, zegt dat het ‘dom’ is of niet meer naar school wil.
Dat laatste signaal is belangrijk. Gaat uw kind ’s ochtends met tegenzin naar school, dan helpt ons artikel ‘Mijn kind gaat niet graag naar school’ u misschien om de redenen te begrijpen.
Bij wie kunt u terecht in België?
Praat er eerst over met de leerkracht of klastitularis van uw kind en met het PMS-centrum van de school (in Vlaanderen: het CLB). Zij kennen uw kind in de klas en kunnen u doorverwijzen.
De diagnose steunt daarna op een onderzoek door professionals, afhankelijk van de vermoede stoornis:
- een logopedist voor lezen, spelling en rekenen;
- een neuropsycholoog voor aandacht en cognitief functioneren;
- een kinderneuroloog of kinderpsychiater, onder meer voor ADHD;
- een ergotherapeut of psychomotorisch therapeut voor motoriek en handschrift.
Dat onderzoek sluit ook andere oorzaken uit, zoals een probleem met zicht of gehoor. Vooral geeft het concrete aanknopingspunten voor de behandeling en voor de school.
Wat de school kan doen
In de Federatie Wallonië-Brussel (het Franstalige onderwijs) geeft een decreet van 7 december 2017, van kracht sinds het schooljaar 2018-2019, leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften in het gewoon lager en secundair onderwijs recht op redelijke aanpassingen. Ook in Vlaamse scholen bestaan redelijke aanpassingen; het CLB helpt daarbij.
Concreet kan het gaan om meer tijd voor toetsen, opdrachten die luidop worden voorgelezen, vergrote en overzichtelijke documenten, het gebruik van een rekenmachine of een computer. De aanvraag gebeurt bij de directie, op basis van een diagnose door een professional.
Hoe u uw kind elke dag helpt
U hoeft geen specialist te zijn om een kind met een leerstoornis te steunen. Het belangrijkste is te beseffen dat zijn moeilijkheden het vaak kwetsbaar hebben gemaakt: het is heel gevoelig voor kritiek en voor falen.
Enkele houdingen die echt het verschil maken:
- stel uw kind gerust en prijs zijn inzet en vooruitgang, ook als die klein is;
- geef duidelijke, korte uitleg die vertrekt van zijn manier van leren;
- geef het de tijd om een taak af te werken, zonder op te jagen;
- controleer wat het begrepen heeft door het te laten uitleggen, zonder er een examen van te maken;
- help het zijn boekentas, schoolagenda en planning te organiseren;
- koppel de leerstof aan zijn interesses, zodat ze betekenis krijgt;
- bouw op zijn sterke punten, die vaak elders liggen dan waar het vastloopt.
Voor dat laatste punt helpt ons artikel over de 8 soorten intelligentie u te ontdekken hoe uw kind het best leert.
Het huiswerk is vaak het meest gespannen moment van de dag. Het korter maken, in kleine stappen opdelen en pauzes inlassen helpt om de band tussen u en uw kind te bewaren.
Individuele begeleiding, naast de behandeling
De behandeling bij de logopedist of ergotherapeut pakt de stoornis zelf aan. Daarnaast helpt individuele schoolbegeleiding uw kind om het programma te volgen, de vakken waarin het vastloopt opnieuw te bekijken en zijn zelfvertrouwen terug te vinden.
Bij My Sherpa kiest een pedagogisch adviseur voor uw kind een coach die rekening houdt met zijn noden en zijn tempo. De bijlessen vinden plaats aan huis, overal in België, of online. Afhankelijk van de noden kan het gaan omhuiswerkbegeleiding in het lager onderwijs of om bijles studiemethode om te leren plannen en organiseren.
Hebt u vragen over hoe wij werken? Bekijk onze veelgestelde vragen, of vertel ons over uw kind.