Overslaan naar inhoud

ADHD: problemen met aandacht en hyperactiviteit

De tekenen van een aandachtsstoornis herkennen, de diagnose begrijpen en de schoolloopbaan van uw kind ondersteunen

Kan uw kind niet stilzitten, vergeet het zijn spullen en haakt het na enkele minuten af in de klas? Die tekenen wijzen soms op ADHD, een aandachtsstoornis met of zonder hyperactiviteit. Hieronder leest u wat die stoornis inhoudt, hoe de diagnose gesteld wordt en hoe u de schoolloopbaan van uw kind dagelijks kunt ondersteunen.

Wat is ADHD?

ADHD is een neurologische ontwikkelingsstoornis. Ze uit zich in onoplettendheid, hyperactiviteit en impulsiviteit die sterker en langduriger zijn dan bij andere kinderen van dezelfde leeftijd, zodat ze het leven op school, thuis of met vrienden verstoren.

Het naslagwerk van psychiaters, de DSM-5, schat dat ongeveer 5 % van de kinderen ADHD heeft. Het is geen gebrek aan wilskracht en ook geen gevolg van een te toegeeflijke opvoeding: uw kind kiest er niet voor om afgeleid te zijn.

Men spreekt van ADD wanneer de aandachtsproblemen overheersen, en van ADHD wanneer er ook hyperactiviteit is. De DSM-5 onderscheidt drie vormen:

  • Overwegend onoplettend: weinig of geen hyperactiviteit, maar grote moeite om zich te concentreren en te organiseren. Dat is ADD, die vaak later opgemerkt wordt omdat ze minder opvalt.
  • Overwegend hyperactief en impulsief: het kind beweegt voortdurend en handelt voor het nadenkt, zonder duidelijke aandachtsstoornis.
  • Gecombineerde vorm: beide tegelijk.

De vorm kan met de leeftijd veranderen. Bij tieners neemt de zichtbare onrust vaak af, terwijl de problemen met aandacht en organisatie blijven.

Aandachtsstoornis: tekenen die u kunnen alarmeren

Bepaald gedrag kan uw aandacht trekken. Op zichzelf zegt geen enkel teken genoeg: alle kinderen bewegen, vergeten of worden soms ongeduldig. Wat telt, is hoe sterk, hoe lang en hoe vaak het zich voordoet, op verschillende plaatsen.

Op het vlak van aandacht

  • moeite om geconcentreerd te blijven bij een taak of een spel, snel verveeld;
  • slordigheidsfouten, opdrachten die slecht gelezen of vergeten worden;
  • lijkt niet te luisteren wanneer men tegen hem of haar praat;
  • moeite om zich te organiseren en af te maken waaraan het begonnen is;
  • spullen, huiswerk of schriften die vaak verloren of vergeten worden.

Op het vlak van hyperactiviteit en impulsiviteit

  • moeite om stil te zitten: het kind wriemelt, staat op, loopt of klimt;
  • moeite om rustig te blijven aan tafel, in de klas of tijdens wachtmomenten;
  • praat veel, flapt antwoorden eruit voor de vraag af is;
  • onderbreekt vaak gesprekken of spelletjes van anderen;
  • neemt risico’s zonder de gevolgen in te schatten.

Die moeilijkheden gaan vaak samen met een wisselend humeur en een lage frustratietolerantie. Het kind krijgt dan veel negatieve opmerkingen, wat kan wegen op zijn zelfvertrouwen en op zijn zin om naar school te gaan (lees ook Mijn kind gaat niet graag naar school).

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Alleen een zorgprofessional kan de diagnose ADHD stellen. In België is dat meestal een kinderarts, een neuropediater of een kinderpsychiater, vaak op basis van een neuropsychologisch onderzoek.

Volgens de criteria van de DSM-5 moet aan verschillende voorwaarden voldaan zijn:

  • meerdere symptomen (bij een kind minstens zes op negen, in een van beide categorieën), al minstens zes maanden aanwezig;
  • symptomen die vóór de leeftijd van 12 jaar zijn begonnen;
  • moeilijkheden die zichtbaar zijn in minstens twee omgevingen, bijvoorbeeld thuis en op school;
  • een duidelijke weerslag op de schoolloopbaan of het sociale leven;
  • tekenen die niet beter door een andere oorzaak verklaard worden (angst, slaapproblemen, problemen met zicht of gehoor…).

Twijfelt u? Spreek er dan eerst over met uw huisarts, de klastitularis of het CLB (in Franstalige scholen: het PMS-centrum). Zij kunnen u doorverwijzen. ADHD gaat soms samen met een andere leerstoornis (dyslexie, dyscalculie, dyspraxie), die het onderzoek ook aan het licht kan brengen.

De behandeling, met of zonder medicatie, is uitsluitend de taak van de arts. De tips hieronder gaan over de organisatie van het schoolwerk en vervangen geen medische opvolging.

Hoe u de schoolloopbaan van uw kind kunt begeleiden

Een kind met ADHD kan het op school perfect goed doen. Het heeft vooral nood aan een duidelijk kader, opgedeelde taken en veel aanmoediging.

Thuis, tijdens het huiswerk

  • Een rustige plek: een opgeruimde tafel, schermen en lawaai uit de buurt tijdens het werk.
  • Korte en duidelijke doelen: verdeel het huiswerk in kleine stappen in plaats van één grote blok, met telkens een korte pauze ertussen.
  • Mogen bewegen: rechtstaan, rondlopen terwijl het een les opzegt of een klein voorwerp in de hand houden, helpt een kind vaak om geconcentreerd te blijven.
  • Afwisselende oefeningen: lezen, schrijven en mondeling werk afwisselen houdt de aandacht vast.
  • Extra tijd: geconcentreerd blijven kost uw kind meer moeite dan een ander kind; voorzie wat marge.
  • Visuele houvast: een zichtbare planning, een checklist voor de boekentas, een timer die het kind kan zien.

In de manier waarop u reageert

  • Kies uw gevechten: elke uitschieter bijsturen put iedereen uit en zorgt voor meer conflicten.
  • Prijs uw kind zodra het verwachte gedrag er is. Die positieve bekrachtiging betekent veel voor een kind dat vaak terechtgewezen wordt.
  • Leer het om even te stoppen en na te denken voor het handelt, bijvoorbeeld door de opdracht hardop te herlezen.
  • Geef één korte opdracht tegelijk, en zorg dat uw kind u aankijkt.

Samen met de school

Bespreek de diagnose met de school en zoek samen wat uw kind helpt: een plaats vooraan in de klas, geschreven opdrachten, extra tijd bij toetsen. In het Franstalig onderwijs (Federatie Wallonië-Brussel) geeft een decreet van 2017 leerlingen in het gewoon onderwijs met specifieke onderwijsbehoeften, vastgesteld door een diagnose, recht op redelijke aanpassingen, afgesproken met de school, de ouders en het PMS-centrum. Ook in het Nederlandstalig onderwijs bespreekt u redelijke aanpassingen met de school en het CLB.

Individuele begeleiding om weer vertrouwen te krijgen

Tijdens bijlessen werkt een coach één op één met uw kind, op zijn tempo. Hij kan de duur van de oefeningen aanpassen, afwisselen in materiaal en uw kind helpen een studiemethode op te bouwen die rekening houdt met hoe het functioneert: plannen, opdelen, nakijken.

Voor jongere kinderen verlicht regelmatige huiswerkbegeleiding ook de spanningen ’s avonds thuis. Bij My Sherpa luistert een pedagogisch adviseur naar uw situatie en kiest hij de coach die bij uw kind past. De lessen worden aan huis gegeven, overal in België, of online.

De coach vult de opvolging door zorgprofessionals en de school aan. Elk kind leert op zijn eigen manier: begrijpen hoe het uwe functioneert, is vaak de eerste stap (zie ook 8 intelligentievormen en de impact op school).

Begeleiding aanvragen voor mijn kind

Examenstress: zo ga je ermee om
Vooruitplannen, een vaste routine, goed voor jezelf zorgen en kalm blijven op de examendag: concrete tips voor de examenperiode